Integrale Geneeskunst

-> Integratie van de Geneeswijzen

Meditatie en het Nulpunt Bewustzijn

Bewustzijn 'is' zodanig vanzelfsprekend dat menigeen het niet beleeft.
Het is vergelijkbaar met het spreekwoordelijke water om en in de vis.
De vraag is hoe kunnen we zien wat we niet zien doordat we het aldoor zien?
Het antwoord: door te doorzien hoe we zien wanneer we niet zien...

Het antwoord is te vinden in de wetenschapsontwikkeling van de laatste eeuw.
In het bestuderen van materie, moleculen en atomen kwam het Niets in zicht.
We hebben daar woorden voor ontwikkeld, en kunnen dat nu beter benoemen.
Het gegeven blijft dat niets nog steeds niet iets is; maar wel de basis van dit uniVersum.

We kunnen nu bewustzijn expliciet beschrijven: als een eigenschap van de faseruimte.
Hieronder wordt uitgelegd hoe we dat via het model van een Hologram kunenn begrijpen.
Belangrijk is hoe daarin een deel met een geheel zijn verbinden: vi een "Singulariteit".
Dat is het 'omkeerpunt' warin een systeem zich in zichzelf omkeert; in de 4e dimensie: de fase ruimte van pure informatie.

Die nulpuntsdoorgang is in de wetenschap beschreven in termen van de Lichtgrens.
Die wordt voorgesteld als een "X", een conus die zichzelf in zichzelf omkeert.
Vanuit de wiskunst is bekend dat die omkering zich afspeelt in de vorm van een Draakolk.
Het keerpunt daarin staat nu bekent als het Nulpunt; met de energie van het nulpunt.

Belangrijk is dat daardoor nu ook Nulpunt Machines ontdekt zijn.
Die koelen af, wanneer energie geproduceerd wordt...
Dat laat zien dat entropie in energie omgezet wordt.
Datzelfde principe wordt, omgekeerd, gebruikt in een laser.

Laser werd ontdekt vanuit een wiskundige benadering van Denis Gabor.
Hij formuleerde dat golfvelden coherent kunnen zijn, of incoherent.
In het samenspel tussen beide staan interferentiepatronen.
Daardoor ontstaan nieuwe, andere, patronen van samenhang: "Hologrammen".

Een Hologram is en algemeen natuurkundig principe.
Het is te zien in de golfvenden om varende boten: boeggolf en zog.
Het is te zien in de veldveranderingen rondom kristallen: "veldeffecten".
Het is te zien in de Lissajouxfiguren; en Moirépatronen; die in de wiskunde worden beschreven.

Voorbeelden hiervan zijn in de geluidstechniek op veel manieren te beleven.
Een bekende eenvoudige variant is "Stereo"; gebaseerd op overeenkomst in verschillen.
Tussen twee luidsprekers ontstaat daardoor een "Virtuele Ruimte': een ruimte die er niet is.
Daarin is schijnbaar de plaats van musikanten te horen, in een orkest wat er níet is.

Die geluidstechniek wordt uitgebreider gebruikt in "fasemodulatie".
De echotijden van geluid in een ruimte worden gemeten en geregistreerd.
Daardoor zijn de echoeffecten (door golfomkering met een vertraagd signaal) te elimineren.
Omgekeerd is een andere gofvertraging op het bronsignaal te 'superponeren'.

Het gevolg is dat het mogelijk is om de klankleur van een ruimte te "moduleren".
Een kleine ruimte kan daarin groot lijken; de 'hoorbare' vorm van de ruimte wordt anders.
Je woonkamer kandoordoor 'galmen als een kathedraal', een 'badkamer', een garage', enzovoort.
Dit basis principe is en en rondom kristallen te vinden; het is dus ook ingebouwd in ons lichaam.

Onze omgevingswaarneming is op dit principe gebaseerd.
We hebben géén waarneming van onze omgeving.
Àl onze schijnbare 'omgevingswaarnemingen' vinden plaats ín ons lichaam.
Daarin worden prikkelingen van oppervlakte-zintuigzellen met die van interne zintuigcellen vergeleken.

In ons lichaam kennen we vier waarnemingssystemen:

Omgevingswaarneming, op basis van zintuigcellen IN ons lichaam.
Propriocepsis (zelfwaarneming) van de houding en beweging van ons lichaam.
Organocesis: het zelfwaarnemingssysteem van bindweefsel en alle organen.
En de celwaarneming van alle lichaamscellen, waarop onze waarneming is gebaseerd.

__We hebben dus géén waarneming van onze omgeving.
We hebben alléén waarneming van, en in, ons lichaam.__
Al onze beleving is gebaseerd op zintuigwaarneming van lichaamscellen ("Samsara").
We maken ons een beeld van onze omgeving ("Maya") door (zeg maar) 'digitale subtractie'.

Ons wereldbeeld is gebaseerd op de vergelijking van de lichaamssignalen van/tussen cellen.
Dat is een complex systeem, over meerdere lagen - daarin kan veel mis gaan.
Belangrijk is dat we IN ons lichaam informatie kunnen in-formeren van BUITEN ons lichaam.
BINNEN ons vormen we zo een beeld van wat BUITEN ons 'leeft'.

Onze huid is daarin onze systeemgrens.
Binnen de huid beleef je je lichaam.
Buiten je huid ben je deel van het universum.
"Huid" betekent in deze: huid, bindweefsel, orgaankapsels en celmembranen.

James Oshmann heeft het samenspel daartussen uitgebreider beschreven.
Heinrich Reckeweg heeft laten zien hoe die systemen onderling zijn verbonden.
Cyril Smit, Robert Becker en Björn Nordenström en Herbert Fröhlich beschreven de elektrische kenmerken.
Bruce Lipton heeft beschreven hoe we informatie van onze beleving van onze omgeving inbouwen in ons DNA; via dit systeem.

Wat in die beschrijvingen ontbreekt is de directe relatie tussen systeem en omgeving.
Kenmerkend voor levende cellen is dat ze zich 'inverteren'.
De balans tussen buiten en binnen wordt aldoor, dynamisch, bewaard.
Dit gebeurt doordat elke cel zich - logisch beschouwd - in zichzelf omkeert.

In die omkering draait elke cel zich binnenste-buiten.
Dit principe is het meest expliciet in de celdeling te zien.
Dat principe bepaalt de samenhang voor/van ons hele lichaam.
Op dat niveau is de technische term: "Total System Inversion" (TSI).

Voor een heel systeem is dat de manier om buiten en binnen te verbinden.
De enige manier waarop een systeem dat kan doen is in een 4e dimensie.
Dat is te zien in een draaikolk die zich in zichzelf omkeert ([3D], [2D], [1D], [0D]).
In het algemeen geldt: elke dimensie heeft een dimensie meer nodig om zich binnenstebuiten te kunnen keren.

Zelfherstel, zelfherhaling, zelfbestendiging en zelfbehoud zijn altijd dynamische processen.
De enige manier waarop een systeem zichzelf kan repliceren, is binnen een hogere dimensie.
Elke atoom blijft in haar samenhang bestaan, door die omkering binnen een hogere dimensie.
Die omkering in zichzelf is wat in de 4D 'tijdconus' ('de lichtgrens') is beschreven.

Dat principe is door de netuurkunde beschreven voor het universum: de lichtsnelheid.
Hetzelfde principe geldt daarmee ook voor elk onderdeel van het universum: elk atoom.
Dat principe bepaalt daarin ook de opbouw van alle materie in ons lichaam.
Het principe is het meest expliciet te zien in de celdeling in ons lichaam - en alle vormen van leven, want daar zijn we deel van.

In de celdeling is te zien dat een 4e dimensie bepalend is voor Zelfbehoud, via Total System Inversion.
In Celdeling, 'doorloopt de cel elke keer weer de Licht Conus; en keert zich om in zichzelf.
Alle celdelingen zijn daarin met elkaar, in die 4e dimensie, verbonden.
Ons lichaam als geheel is daarmee een systeem dat zich in een 4e dimensie afspeelt.

Die 4e dimensie is de ruimte van pure informatie.
Het omkeringsproces nemen we waar in de 3e dimensie: energie.
We nemen de omkering waar als een proces, in de dimensie van tijd.
Het gevolg is een schijnbare waarneming van een samenhang als structuur, in de ruimte.

In ons lichaam be-leven we die samenhang in de relatie tussen bewustzijn, systeemregulatie, fysiologie en anatomie.
De basis van die samenhang zien we als ons lichaam, de organen, het bindweefsel en de cellen.
De verwante bepalende grootheden zijn, respectievelijk, fysica, scheikunde, elektroagnetisme en informatie.
Belangrijker is dat dit alles is gebaseerd op de vier fasen van celdeling in onze cellen (de pause fase is verbonden met de (fase)informatieuitwisseling tussen de cellen; [0D]).

In de celdeling zelf zien we de gedurige doorgang van ons lichaam 'in de 4e dimensie'.
De celdelingen zijn daarin allemaal onderling verbonden; verlies van samenhang daarin leidt tot ziekte.
het draaipunt van die Totale Systeem Inversie ligt in de fase ruimte: de 4e dimensie.
De hele dynamiek wordt daardoor bepaald door de singulariteit van het systeem; in elke cel.

Een systeemsingulariteit is de bepalende factor waarm/-in een system met de omgeving is verbonden.
Het is vergelijkbaar met het scharnier van een deur.
Het is het 'aanknopingspunt' waarin het systeem in/met de omgeving één is.
Het is het contactpunt wat het systeem bepaalt; maar wat niet door het systeem bepaald is.

Traditioneel gebruikt men daar voor de term "ziel".
Dat woord is met 'bezieling" en (het Duits) "Ziel" (doel) verbonden.
Tegenwoordig gebruikt men liever de term 'teleologie"; 'doelbepalend'.
In de wiskunde gebruikt men liever het woord "attractor'.

Cruciaal (letterlijk: keerpunt) is dat de singulariteit het systeem bepaalt.
Het is het omkeercontactpunt van het systeem in/met de omgeving.
Dat punt is maar ten dele deel van het systeem; het is deel van de omgeving.
In dat punt keert het systeem zich binnenstebuiten: het ([0D]) Nulpunt.

Elke celdeling is zo'n nulpunt; het systeem keert zich daar binnestebuiten.
Het systeem als geheel gaat daar door het nulpunt heen: systeeminversie.
Dat is het punt waarin en waardoor het systeem deel van het geheel is.
Dat is hoe de oude term ZIel als integrerende factor voor het hele lichaamssysteem is te begrijpen.

Die singulariteit - de ziel - is dus maar ten dele in deze dimensie.
De ziel speelt zich af in elke cefusie en celdeling ([0D]).
Daarin is elke celdeling in je lichaam met je eerste cel verbonden - de zygote.
Omgekeerd ben je daarinverbonden met alle cellen van je voorouders, en alle vormen van leven.

Die singulariteit speelt zich niet af in je cel, en niet in drie dimensies.
De celdeling speelt zich af in de 4e dimensie (de fase ruite) en tussen alle cellen ([0D]).
Die verbinding is niet in de wetenschappelijke modellen te beschrijven.
Om die te kunnen bevatten, is het nodig om het principe van de Tijdfractal te gebruiken.

De Tijdfractal beschrijft dat alle celdeling onderling zijn verbonden.
Bij elke celdeling vertakt zich de vormingsvector die de celvorming kan beschrijven.
De hele opbouw van ons hele lichaam is zo in termen van één tijdfractal te beschrijven.
Ook is het ontstaan van ziekte te begrijpen: wanneer de samenhang van de tijdfractal verstoord wordt.

De verstoringen in die tijdfractal kunnen alleen maar ontstaan in de systeemsingulaiteiten.
Daarin is elke verstoring met de samenhang van het hele lichaam/systeem verbonden.
Daarin moeten we echter nog steeds alle celdeling als één geheel, in de tijd verbonden, begrijpen.
Dat integrale systeem kunnen we beschrijven met de term "Systeem Singulariteiten Stabiliteiten Set".

De Systeem Singulariteiten Stabiliteiten Set (SSSS) beschrijft en verklaart de essentie van dood en leven, ziekte en gezondheid.
Daarin is te zien hoe de opbouw van ons hele lichaam op celdeling gebaseerd is.
Daarin is ook te begrijpen hoe bewustzijn met ons lichaam is verweven.
Het aanknopingspunt van bewustzijn in ons lichaam is in de ziel: in de integrale SSSS.

Cruciaal is dat zich dit afspeelt in de faseruimte; 'de 4e dimensie' ([0D]).
Het is daarmee niet in termen van de klassieke (materiële) wetenschap te beschrijven.
De ruimte waarin dit zich afspeelt is de Fase ruimte; een domein van pure informatie.
Dit is het niveau wat vele culturen met de term 'g.o.d.' beschrijven.

g.o.d. staat voor Generator - Operator - Destroyer; de 3 'tastbare' fasen van systeeminversie.
De basis van de systeeminversie zelf is niet te beschrijven; die speelt zich af in de 4e dimensie ([0D]).
Die 4e dimensie is op te vatten als een ongeordend (potentiaal) hologramveld.
De 3 dimensie die we hier 'kennen' zijn het geordende geprogammeerde hologrambeeld.

'Generate' - het opzetten van de draaggolf
'Operate' - het stabiliseren van de tijdbasis
'Destroy' - de verversingscyclus om het opgebouwde beeld te (ver-her-)stellen
g.o.d. is daarme het genereren van een projectiebeeld vanuit de faseruimte; een projectie van informatie, dus van 'bewustzijn.

De basis van onze beleving is het samenspel tussen bewustzijn, energie, tijd en ruimte.
De g.o.d. operator formuleert hoe dat samenspel zicht afspeelt.
De relatie tussen die dimensies ligt in de verandering van de logica: de verandering van fase-relatie.
Dat is wat de oude culturen en alchimisten al wisten; en door religies werd beschreven (kerken hebben die kennis voor politieke/manipulatie-doeleinden verbasterd).

In elke celdeling is dat g.o.d. principe actief.
Het is het verbinden element tussen alle celdelingen, en daarmee in de opbouw van het hele lichaam.
Het is de bepalende factor voor integrale systeemstabiliteit, en dus gezondheid.
En het is allemaal, alleen maar, gebaseerd op het principe van de nulpuntsdoorgang.

Die nulpuntsdoorgang is maar ten dele te beschrijven; de [0D] component valt buiten beschrijving.
Het is echter wel iets wat we kunnen beleven: in de slaapcyclus.
De slaapcyclus en de celdelingscyclus, de lagen van bewustzijn en de vormen van waarneming zijn allemaal aspecten van hetzelfde principe.
Het gaat erom, om on die overeenkomsten het onderliggende principe te herkennen: systeemomkering in de singulariteit van de systeemgrens als deel van het uniVersum.

Sensor ([punt], Neuron [lijn], Plexus [vlak] en brein [volume] zijn daarin verbonden.
Op die manier kunnen we in ons lichaam een schrijnbare afbeelding ("Maya") maken op basis van onze zintuigwaarnemingen in ons lichaam ("Samsara").
Dit speelt zich af op basis van samenhangen tussen de elektrische en magnetische component van de EM veld/golf.
Het is de Nulpuntsdoorgang, die daarin bepalend is voor de koppeling tussen energie en informatie.

Dat is wat we in de slaapcyclus beleven.
Daarin doorlopen we de transitie van beta -> alfa -> theta -> deta hersengolven.
Dat komt overeen met een verleggen van bewustzijn van omgeving -> lichaam -> organen -> cellen.
Wat we daarin ervaren is het overgaan van de systeemgrens: de nulpuntsdoogang.

Meditatie past dit toe door bewust het bewustzijn te verleggen.
Daarmee doorloop je de systeemgrens, van buiten naar binnen.
Daardoor verleg je de "locus of control" naar de singulariteit: de systeemgrens.
Daardoor verleg je je beleving naar het nulpunt van schepping; dat wordt als g.o.d. be-leving beschreven.

Het is een basaal en logisch pincipe.
het is gebaseerd op de koppeling tussen informatie en materie.
Die koppeling light in de SSSS en is gebaseert op TSI (Total System Inversion).
Het wordt ook wel beschreven als het beleven van de ziel: het contactpunt waar(in) je één bent met, en deel van, het uniVersum (g.o.d. be(-)leving).

Het principe en mechanisme ervan is in termen van de Nulpuntsdoorgang te beschrijven.
De details ervan zijn in termen van de doorgang van de Lichtgrens te beschrijven.
In ons lichaam is te zien hoe dat met de celdelings-tijdfractal is verweven.
Dat is de manier waarop we de verwevenheid tussen bewustzijn en materie in ons lichaam/leven be(-)leven.

No votes yet